Lang leve de tweede plaats

Waarom tweede worden op het werk net zo ongemakkelijk voelt als zilver in de sport

Tijdens grote sporttoernooien, zoals nu de Olympische winterspelen zien we het telkens opnieuw. Een atleet wordt tweede en de eerste reactie is teleurstelling. Niet omdat de prestatie slecht is, maar omdat winnen de norm is geworden. Alles daaronder voelt als net niet.

Hoe voelen Femke Kok, Jenning de Boo en Merel Conijn zich na het behalen van Olympisch zilver? Teleurstelling of opgewekte gezichten? En hoe lang blijft de euforie van Olympisch goud? De geschiedenis laat zien dat vaak de runner-ups het langste ‘meegaan’.

Wat in sport zichtbaar wordt in een paar minuten, speelt zich in organisaties jarenlang af. Ook daar wordt succes vaak gedefinieerd als eerste worden. De hoogste functie. De eindverantwoordelijkheid. Wie daar net onder zit, lijkt nog onderweg. Of wordt gezien als iemand die het net niet heeft gehaald.

Dat is een miskenning van hoe werk in werkelijkheid functioneert. De rollen onder de top zijn vaak cruciaal. Hier zit de inhoud, de ervaring en het vermogen om mensen en processen bij elkaar te houden.

Waarom tweede worden op het werk net zo ongemakkelijk voelt als zilver in de sport Meer lezen »

Niet iedereen hoeft ‘de top’ te willen

In veel organisaties lijkt ambitie een vaste richting te hebben: wie zich ontwikkelt, groeit door, wie doorgroeit, gaat omhoog. En wie echt succesvol is, eindigt uiteindelijk aan de top. Dat beeld is zo vanzelfsprekend geworden dat we het zelden nog ter discussie stellen. Het is iets wat we op school al leren en wat ons hele werkende leven met ons meelift. We willen winnen, de beste zijn, de hoogste plek in de organisatie verwerven.

In de praktijk werkt het vaak anders. Veel mensen functioneren het best in functies net onder de hoogste positie. Niet omdat zij het niet aankunnen, maar omdat juist daar inhoudelijke kennis, ervaring en invloed samenkomen. Dit zijn de rollen waarin teams worden gedragen, besluiten worden voorbereid en continuïteit wordt bewaakt.

Toch worden deze posities vaak gezien als tijdelijk. Als tussenstation. Als plek waar je zit totdat je klaar bent voor de volgende stap. Daarmee leggen organisaties een permanente druk op mensen die feitelijk al van grote waarde zijn.

Niet iedereen hoeft ‘de top’ te willen Meer lezen »